Yves Allégret is tegenwoordig een onderwerp dat van groot belang is, omdat het de belangstelling heeft gewekt van talloze mensen over de hele wereld. Sinds de opkomst ervan heeft het een breed scala aan meningen en discussies gegenereerd, en heeft het ook impact gehad op verschillende gebieden van de samenleving. Het belang ervan ligt in de invloed die het heeft op het dagelijks leven van mensen, evenals in het potentieel ervan om significante veranderingen in verschillende aspecten teweeg te brengen. In dit artikel zullen we de verschillende facetten en gevolgen van Yves Allégret in detail onderzoeken, met als doel een volledige en verrijkende analyse te geven van dit onderwerp dat vandaag de dag zo relevant is.
Yves Allégret | ||||
---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Volledige naam | Yves Edouard Allégret | |||
Geboren | Asnières-sur-Seine, 13 oktober 1905 | |||
Overleden | Jouars-Pontchartrain, 31 januari 1987 | |||
Geboorteland | ![]() | |||
Jaren actief | 1931 - 1981 | |||
Beroep | Filmregisseur | |||
(en) IMDb-profiel | ||||
(nl) Moviemeter-profiel | ||||
(mul) TMDB-profiel | ||||
|
Yves Edouard Allégret (Asnières-sur-Seine, 13 oktober 1905 – Jouars-Pontchartrain, 31 januari 1987[1]) was een Frans filmregisseur die aanvankelijk films opnam onder het pseudoniem Yves Champlain. Hij draaide ongeveer 25 speelfilms in dertig jaar tijd.
Allégret werd geboren als zoon van Elie Allégret, missionaris in Frans-Congo, en Suzanne Ehrhardt.[1] Hij mocht vanaf 1931 ervaring als regieassistent opdoen bij zijn broer Marc en bij Jean Renoir. Als lid van de theatergroep Groupe Octobre maakte hij korte documentaires. Prix et Profits (1932), ook bekend onder de titel La Pomme de terre, was zijn belangrijkste. Geheel in de geest van de Groupe Octobre liet hij de werking van het kapitalisme zien door het traject van de aardappel van producent tot consument te volgen. Geestesgenoten als Jacques Prévert, Pierre Prévert en Marcel Duhamel figureerden in deze korte film. In die tijd was hij ook enkele maanden (november 1933-april 1934) secretaris van Leon Trotski toen deze na zijn verbanning uit de Sovjet-Unie via een verblijf in Turkije in Barbizon terechtkwam.
In 1941 maakte hij Tobie est un ange, zijn eerste lange speelfilm, maar die ging verloren in een brand. Na de bevrijding draaide hij het oorlogsdrama Les Démons de l'aube (1946). Daarna brak Allégret definitief door met een reeks drama's waarvoor Jacques Sigurd telkens het scenario schreef. In Dédée d'Anvers (1948) en Manèges (1950), de twee bekendste films van de reeks, gaven Simone Signoret en Bernard Blier elkaar repliek. Samen met Une si jolie petite plage (1949), waarin Gérard Philipe de hoofdrol vertolkte, betekenden deze donkere films het hoogtepunt in zijn carrière.
Later gaf hij Philipe nog de hoofdrol in de drama's Les Orgueilleux (1953) en La Meilleure Part (1956). Ook Jean Marais en Michèle Morgan werkten meermaals onder zijn regie. In 1957 liet hij Alain Delon debuteren in de misdaadfilm Quand la femme s'en mêle.
In 1963 bracht hij Germinal uit, de eerste geluidsfilm die gebaseerd was op de gelijknamige mijnwerkersroman van Émile Zola. Op dit prestigieus project na werden Allégrets overige films uit die periode weinig opgemerkt.
Voor zijn laatste film, de tragikomedie Mords pas, on t'aime (1975) werkte hij eenmalig samen met zijn dochter Catherine Allégret.
Aan het einde van zijn filmcarrière schakelde Allégret over naar de televisie. Hij maakte onder meer vier afleveringen van Les Enquêtes du commissaire Maigret (1967-1990), de populaire televisieserie naar de politieromans van Georges Simenon, met Jean Richard in de rol van Maigret.
Yves Allégret is de jongere broer van filmregisseur Marc Allégret. Tussen 1929 en 1947 was hij gehuwd met Renée Naville. Tussen 1943 en 1949 was hij samen met actrice Simone Signoret. Ze hadden een dochter, de actrice Catherine Allégret. In 1951 trouwde hij met zijn derde vrouw, de actrice Michèle Cordoue. Het koppel bleef samen tot de dood van Yves Allégret.
Yves Allégret overleed in 1987 op 81-jarige leeftijd in Jouars-Pontchartrain.