In de wereld van vandaag is Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom een relevante kwestie geworden die verschillende sectoren van de samenleving beïnvloedt. Sinds zijn verschijning heeft Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom een reeks discussies en debatten opgeleverd die de aandacht van experts en het grote publiek hebben getrokken. In dit artikel zullen we de verschillende aspecten met betrekking tot Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom diepgaand onderzoeken, waarbij we de oorsprong, evolutie en gevolgen ervan op verschillende gebieden analyseren. We zullen ook ingaan op de verschillende meningen en perspectieven die rond Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom bestaan, evenals de mogelijke oplossingen of maatregelen die worden voorgesteld om de uitdagingen die het met zich meebrengt aan te pakken. Dit artikel probeert een alomvattend en actueel beeld te geven van Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom, met als doel een geïnformeerd en verrijkend debat over dit onderwerp, dat vandaag de dag zo relevant is, te bevorderen.
De Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom[1] (WIPO, van het Engelse World Intellectual Property Organization) is sinds 1967 een internationale organisatie gewijd aan het beschermen van intellectuele monopolies. WIPO is een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties. WIPO heeft 187 lidstaten, en beheert 23 internationale verdragen. Het hoofdkwartier bevindt zich in Genève, Zwitserland.
Sinds 1974 is de WIPO onderdeel van de VN. Haar voorganger, de BIRPI (Bureaux Internationaux Réunis pour la Protection de la Propriété Intellectuelle), was in 1893 opgezet om de Berner Conventie voor de bescherming van literaire en artistieke werken te bewaken. In tegenstelling tot andere VN-organisaties beschikt de WIPO over grote financiële bronnen. Deze vloeien voort uit het Verdrag tot samenwerking inzake octrooien. In 1970 werd de directeur van de BIRPI, de Nederlander Georg Bodenhausen, de eerste secretaris-generaal van de WIPO.
De WIPO is een forum waarin elk land één stem heeft. Dit is belangrijk, omdat er een aanzienlijke noord-zuidkloof bestaat in de politiek van intellectuele monopolies. Gedurende de jaren zestig en zeventig waren ontwikkelingslanden in staat expansies van verdragen voor intellectuele monopolies tegen te houden (zoals universele farmaceutische patenten).
In de jaren tachtig werd de autoriteit over intellectuele monopolies van de WIPO naar het General Agreement on Tariffs and Trade (GATT), later de Wereldhandelsorganisatie (WTO), overgebracht, waar het Noorden een veel grotere controle over de agenda had. Deze strategie toonde zijn succes voor de VS met de inwerkingstelling van het TRIPs-verdrag (Trade-Related Aspects of Intellectual Property Rights).