In de wereld van vandaag is Wandelen een onderwerp geworden van voortdurend en zeer relevant debat op verschillende gebieden. Of het nu gaat om de politiek, de samenleving, de technologie of welk ander gebied dan ook, Wandelen heeft grote belangstelling gewekt en is het onderwerp geweest van meerdere studies en onderzoek. De impact ervan op het dagelijks leven en de ontwikkeling van verschillende gebieden valt niet te ontkennen. Daarom is het essentieel om de implicaties en gevolgen ervan grondig te analyseren. In dit artikel zullen we verschillende perspectieven en benaderingen van Wandelen verkennen, met als doel de invloed en het bereik ervan vandaag de dag beter te begrijpen.
Wandelen is te voet gaan, in het bijzonder (mede) voor het plezier of de sport. In andere gevallen spreekt men vaker van het neutrale lopen). Dat kan op meerdere manieren gebeuren. Van een wandelingetje in het park of bos waarbij het eindpunt samenvalt met het startpunt, tot meerdaagse tochten met een rugzak, waarbij grote afstanden worden afgelegd en wordt gekampeerd. Bij wandelen kan gebruikgemaakt worden van routebeschrijvingen en gemarkeerde wandelpaden.
De term hiking[1] wordt steeds gebruikelijker, waarbij wordt gedoeld op een langere wandeling op trails of in de bergen.
Meerdaagse wandelingen door ruig terrein worden wel trektochten genoemd. Expedities zijn zware wandelingen (vaak naar een top) zoals de Kilimanjaro of Elbrus[1] genoemd.
Wandelen (te voet gaan) was tot in de negentiende eeuw hét belangrijkste middel om je te verplaatsen. Eind negentiende begin twintigste eeuw kwam er aandacht voor het gezondheids- en recreatieve aspect. Daarbij speelden in Nederland de wandelverslagen van Jacobus Craandijk (1834-1912) een belangrijke rol. In 1909 organiseerde de KNBLO-NL de eerste wandelmarsen of wandelvierdaagsen. Met de ingebruikneming in 1914 van de ANWB Bondswandelweg Amsterdam-Arnhem volgde het eerste recreatieve wandelpad. Na een periode van teruglopende interesse in de jaren vijftig en zestig kwam er begin jaren tachtig hernieuwde wandelbelangstelling. Het Nivon zette nieuwe wandelroutes uit. Met het Pieterpad van 1983 en het wandelroutenetwerk Oirschot van 2004 werden nieuwe wandelmogelijkheden aangeboden. Met een bewegwijzerd knooppuntensysteem kan een route naar eigen voorkeur worden samengesteld. Er zijn ook voor liefhebbers georganiseerde tochten.
In Nederland bestaan netwerken van nationale en regionale wandelpaden, met elk hun eigen markering:
Een nieuwe generatie wandelroutes vormen de wandelroutenetwerken, die naar voorbeeld van het fietsroutenetwerk zijn opgezet.
Voor het uitlopen van georganiseerde wandelmarsen diverse beloningssystemen. Het bekendste is het wandelboekje van de Koninklijke Wandel Bond Nederland. Na het voltooien van de wandeling worden kilometerstand en datum ingevuld en namens de wandelbond een stempel gezet. Na het lopen van voldoende kilometers kan een medaille worden verkregen.
Minder bekend is het beloningssysteem van Internationale federatie voor volkssport (IVV). Daarnaast hebben veel wandelverenigingen een eigen beloningssysteem. Het is toegestaan om meerdere of alle beloningssystemen in te zetten bij een wandeltocht.